Was de vijgen onder lauwwarm stromend water en snij ze in grove stukken.
Doe de stukken vijg in een grote pan en voeg het sap van de citroen toe. Voeg vervolgens het water toe en breng het aan de kook op een middelhoog vuur. Laat de vijgen 10 tot 15 minuten zachtjes koken, roer het af en toe door om aanbranden te voorkomen. Haal daarna de pan van het vuur en pureer de vijgen met het water met een staafmixer. Voeg nu de geleisuiker toe en zet de pan weer op het vuur. Breng het geheel opnieuw aan de kook en laat het 4 minuten goed doorkoken, terwijl je blijft roeren. Doe een druppel gelei op een koud schoteltje om te testen of het stolt. Als de druppel stevig blijft liggen, is de gelei klaar.
Giet de vijgengelei in de jampotten. Doe dit tot net onder de rand en draai de deksels stevig dicht. Als je zeker wilt zijn van een goede afsluiting, kun je de jampotten 5 minuten op de kop zetten op een theedoek. Dat is optioneel. Als je deksels gebruikt die wel van binnen met plastic gecoat zijn, dan moet je dit niet doen, want het zuur in de gelei tast de coating aan. Laat de jampotten rechtop afkoelen op een droge theedoek en bewaar ze vervolgens op een koele en donkere plek.