Ingrediënten
Benodigdheden
Bereiding
1. Voorbereiding
- Was de maiskolven goed en verwijder alle bladeren en de ‘draden’. Zet een grote pan met ruim water op en breng aan de kook. Blancheer de kolven ongeveer 5 tot 7 minuten, zo blijven de korrels straks mooi stevig en behouden ze hun kleur. Haal de kolven uit het water en laat ze even afkoelen op een schone theedoek.
2. Korrels los snijden
- Snij met een scherp mes de maiskorrels van de kolven. Zet het mes zo dicht mogelijk bij de kolf, maar snijd niet te diep zodat de harde stukjes niet meekomen. Doe de korrels in een grote schaal.
3. Potten en deksels steriliseren
- Zorg dat de potten en deksels goed schoon en steriel zijn. Dit doe je door ze minstens 10 minuten uit te koken in een pan met water. Laat ze daarna omgekeerd drogen op een schone theedoek.
4. Zoetzuur maken
- Breng in een pan het water, de azijn, suiker en zout aan de kook. Roer goed zodat suiker en zout helemaal oplossen. Laat het geheel een paar minuten zachtjes koken.
5. Potten vullen
- Verdeel de maiskorrels over de steriele potten. Wil je extra smaak? Voeg dan nu in elke pot wat peperkorrels, mosterdzaad of een laurierblad toe. Giet het hete zoetzuur over de mais tot de korrels net onder staan. Veeg de rand van de potten goed schoon met een schone doek.
6. Potten afsluiten
- Draai de deksels stevig op de potten. Je kunt de potten nu op de kop zetten om het vacuüm te versterken. Dit is optioneel. Sommige mensen doen het altijd, anderen niet. Weet wel dat bij bepaalde deksels het zuur na een paar maanden kan inwerken op de binnenkant. Gebruik dus het liefst zuurvaste deksels.
7. Afkoelen en bewaren
- Laat de potten rustig afkoelen op een doek. Zodra ze helemaal afgekoeld zijn, controleer je of ze goed vacuüm getrokken zijn (de deksel mag niet meer op en neer klikken). Zet de potten vervolgens op een koele, donkere plek.
