Ingrediënten
Benodigdheden
Bereiding
1. Voorbereiden van de bessen
- Spoel de zwarte bessen grondig af en verwijder eventuele steeltjes en blaadjes. Doe ze in een grote pan samen met het water.
2. Verhitten
- Zet de pan op middelhoog vuur en breng het mengsel langzaam aan de kook. Laat de bessen ongeveer 15 tot 20 minuten zachtjes pruttelen, totdat ze openbarsten en hun sap loslaten. Roer af en toe met een houten lepel om de bessen te helpen hun vocht af te geven.
- Haal de pan van het vuur en giet het mengsel door een passeerdoek of fijne zeef in een andere pan of kom. Laat het rustig uitlekken zonder te veel te drukken, zodat je een helder sap krijgt. Wil je een vollere smaak, dan kun je voorzichtig met een lepel het laatste sap uit de pulp drukken.
- Giet het gezeefde sap terug in een schone pan en voeg de suiker toe. Roer goed door en breng het opnieuw aan de kook. Laat het 5 minuten zachtjes koken, zodat de suiker volledig oplost. Voeg eventueel citroensap toe voor een frissere smaak.
- Terwijl het sap kookt, steriliseer je de flessen door ze met kokend water uit te spoelen of kort in een oven van 120 graden Celsius te zetten.
3. Sap bottelen
- Gebruik een trechter om het hete sap in de flessen te gieten. Draai de deksels stevig vast. Wil je de flessen op de kop zetten voor een betere afdichting, zorg er dan voor dat je de juiste deksels gebruikt. Laat ze daarna volledig afkoelen.
