Ingrediënten
Benodigdheden
Bereiding
1. Voorbereiding
- Spoel de duindoornbessen onder koud stromend water. Laat ze uitlekken in een vergiet en haal er eventueel nog kleine takjes of blaadjes tussenuit. Dit is precies het soort werk waar je geduld voor nodig hebt, maar het loont echt.
2. Inmaken
- Zet de potten klaar, het liefst warm (bijvoorbeeld in heet water gespoeld of in de oven op lage temperatuur gedroogd). Kook het water samen met de suiker en het citroensap in een pan tot de suiker volledig is opgelost. Laat dit mengsel even zachtjes doorkoken, zodat het iets indikt. Proef het mengsel, het mag stevig zuur zijn, maar niet wrang.
- Doe de duindoornbessen in de potten. Vul elke pot tot net onder de rand, zonder de bessen te pletten. Als je kruiden toevoegt, doe die er nu bij. Giet de hete siroop over de bessen, zodat ze volledig onder staan. Werk netjes, mors zo weinig mogelijk.
- Veeg de randen van de potten schoon met een schone, vochtige doek. Sluit ze direct goed af met de bijbehorende deksels. Als je besluit de potten op hun kop te zetten, doe dit dan direct en laat ze 5 tot 10 minuten zo staan voordat je ze terugdraait. Doe dit alleen als je weet dat de deksels tegen zuur bestand zijn. Anders gewoon rechtop laten afkoelen.
- Laat de potten op een tochtvrije plek volledig afkoelen. Controleer na het afkoelen of de deksels vacuum getrokken zijn (ze mogen niet meer indrukbaar zijn).
