Ingrediënten
Benodigdheden
Bereiding
1. Brandnetels plukken
- Ga op een droge dag naar buiten en zoek een plek waar brandnetels groeien. Kies planten die niet langs drukke wegen of in de buurt van landbouwgrond staan om vervuiling te voorkomen. Draag handschoenen en knip met een schaar de bovenste jonge bladeren en toppen af. Deze zijn het lekkerst en het meest voedzaam.
2. Schoonmaken
- Schud de bladeren uit om eventuele insecten te verwijderen. Was ze daarna kort onder koud stromend water en laat ze uitlekken in een vergiet. Dep de bladeren droog met keukenpapier of een schone theedoek.
3. Drogen
Drogen aan de lucht
- Verspreid de bladeren in een enkele laag op een schone doek of een droogrek. Zet ze op een droge, warme plek uit de zon en zorg voor voldoende luchtcirculatie. Dit proces kan enkele dagen duren, afhankelijk van de luchtvochtigheid. Keer de bladeren af en toe om.
Drogen in de oven
- Als je sneller resultaat wilt, kun je de brandnetels in de oven drogen. Verwarm de oven voor op de laagste stand (ongeveer 50 graden Celsius). Verspreid de bladeren op een bakplaat met bakpapier en zet de oven op een kier zodat vocht kan ontsnappen. Na 1 tot 2 uur zouden de bladeren droog en broos moeten zijn.
Drogen in een droogoven
- Een droogoven is de meest efficiënte methode. Stel de temperatuur in op ongeveer 40 tot 45 graden Celsius en laat de brandnetels 4 tot 6 uur drogen, afhankelijk van de dikte van de bladeren.
4. Bewaren
- Zodra de brandnetels volledig droog en knapperig zijn, verkruimel je ze voorzichtig. Bewaar ze in een luchtdichte pot of zakje, weg van direct zonlicht en vocht. Op deze manier blijven de bladeren lang houdbaar en behoud je de meeste voedingsstoffen.
