Ingrediënten
Benodigdheden
Bereiding
- Was de appels goed onder stromend water en droog ze af met een schone theedoek. Je kunt ervoor kiezen om de schil te laten zitten of de appels te schillen.
- Snij de appels in dunne schijfjes van ongeveer 3 tot 5 millimeter dik. Om te voorkomen dat de appelstukjes bruin worden, kun je ze 10 minuten in een mengsel van water en citroensap laten weken. Dep ze daarna droog met keukenpapier.
In de oven drogen
- Verwarm de oven voor op 70 tot 90 graden. Bekleed een bakplaat met bakpapier en leg de appelschijfjes in een enkele laag op het bakpapier. Laat ze ongeveer 3 tot 4 uur in het midden van de oven drogen. Draai de schijfjes na 1,5 tot 2 uur om. Hou de ovendeur op een kier om vocht te laten ontsnappen; doe er bijvoorbeeld een houten lepel tussen. Controleer na 3 uur hoe droog de schijfjes zijn; ze moeten buigzaam zijn, maar niet vochtig aanvoelen.
In een voedseldroger drogen
- Leg de appelschijfjes in een enkele laag op de droogrekken van de voedseldroger. Stel de temperatuur in op ongeveer 55 tot 60 graden. Laat de schijfjes 6 tot 8 uur drogen.Controleer na 6 uur hoe droog de schijfjes zijn; ze moeten buigzaam zijn, maar niet vochtig aanvoelen.
